Canon van de Rijnsburgerweg

eeuwen van betekenis
1395 – nu

1395: De eerste vermelding van de weg

Scout, scepene ende rade der stede van Leyden doen cond allen luden, zo begint de oorkonde van Graaf Albrecht van Beieren op 12 juli 1395 voor de bouw van de Poelbrug over de nieuwe weg van Leiden tot aan de geestgronden voorbij Oegstgeest.

Als de weg met zand ‘gespeckt’ is, nodigt hij de hertog van Gelre voor een rit van Lisse naar Leiden, waarbij hij alle wegarbeiders trakteert op 1 Dordtse gulden drinkgeld.

De Poelbrug wordt al snel een stenen brug (‘28.000 stenen’), een van de oudste in Leiden. Langs de gehele weg wordt een sloot gegraven voor zandtransport vanaf de zandrijke geestgronden richting stad. Deze Zandsloot wordt pas in 1926 gedempt.

Illustratie: Albrecht van Beieren (1336 – 1404), portret Hollandse School uit ca. 1600, Haags Historisch Museum.

1420: Hoofdrol bij het eerste beleg van Leiden

Tijdens de Hoekse en Kabeljauwse twisten kiest Leiden de kant van Jacoba van Beieren. Dit tot ongenoegen van hertog Jan van Beieren, ook wel bekend als Jan zonder Genade.  Die trekt met zijn leger op naar Leiden en maakt daarbij handig gebruik van de weg die zijn vader 25 jaar eerder heeft aangelegd. Aan die weg ligt Kasteel Paddenpoel, dat hij besluit met de grond gelijk te maken voordat hij over de weg naar de stadsmuren trekt.  Na twee maanden geeft Leiden zich op 17 augustus 1420 over.

Foto: Johan Geijtenbeek.  Er is ook een film van deze viering.

1428: Kasteelterrein wordt klooster

In 1428 koopt Boudewijn van Swieten, tresorier van Philips de Goede, het perceel waarop tot enkele jaren terug Kasteel Paddenpoel stond om er een klooster te stichten met de naam Mariënpoel. De vijftig zusters Augustinessen, vaak van adellijke komaf,  betalen flink costgelt. Het klooster verwerft grote rijkdom met bezittingen in Holland en Zeeland, leent geregeld aan de stad Leiden (een matige betaler) en neemt in 1566 het onderhoud van de Rijnsburgerweg over. In het klooster hangt o.a. het Drieluik met de kruisiging van Christus dat op tijd wordt gered tijdens de Beeldenstorm en nu een topstuk is in Museum De Lakenhal.

Schilderij: Fragment van de Meester van de Spes Nostracirca 1495, met vermoedelijk de oudste afbeelding van de Rijnsburgerweg (zichtbaar achter de poort), Rijksmuseum.

1574: Schermutselingen op de Poelbrug

Tijdens het beleg van Leiden in 1574 vechten Leidenaren en Spanjaarden om het bezit van de Poelbrug, waar door burgers de Poelschans, een houten verdedigingswerk, is gebouwd. Het gebied fungeert met zijn kooltuinen als voedselkamer voor de stad, aldus de Beschrijvinge der Stadt Leyden (1614). Dat vertelt ook het verhaal van de stad ontvluchte vrouwen en kinderen (‘glippers’), op zoek naar voedsel, die de Spanjaarden vanaf dezelfde Poelschans zonder pardon half ontkleed terug naar de stad sturen. 

Tekening: Reconstructie (1967): De Poelschans midden op de Rijnsburgerweg ter hoogte van de huidige brug over de Poelwetering.

1649:  Volmolen op de hoek met Poelwetering

Aan de Poelwetering staat vanaf 1649 de lakenwindvolmolen Het Leven (ter hoogte van nr 31f). Volmolens helpen om het lakenweefsel te verdichten en geven het laken zijn vilten karakter. Vanwege de stank door het gebruik van urine daarbij wordt dit type molens ten noord-westen van de stad gebouwd. De volmolens hebben een ruime schuur om het laken te drogen.

Tekening: Vergelijkbare (?) achtkante lakenwindvolmolen: De Hoge Molen te Zoeterwoude, door J.F. la Fargue, ca. 1775. Collectie Gemeentearchief.

1843: Spoorrails over de weg

Vanaf 1843 loopt de eerste spoorlijn van de Hollandse IJzeren Spoorweg Maatschappij tussen Amsterdam en Rotterdam dwars over de Rijnsburgerweg. De wandelaars die dan toe ongehinderd over de Steenstraat via de Stationsweg naar de Rijnsburgerweg lopen krijgen er een bezienswaardigheid bij. Wat begint met een klein romantisch stationsgebouw groeit in 1879 uit tot een monumentaal station met stedelijke allure.

Foto: Spoorwegovergang gezien vanaf de voetgangersbrug Leiden richting Oegstgeest, ca. 1928. Fotograaf onbekend.

1850: Begin van een lommerrijke allee

Jonkheer Daniël Théodore Gevers van Endegeest geeft opdracht om langs de gehele Rijnsburgerweg aan weerszijden bomen te planten. Zo ontstaat in de loop der jaren een lommerrijke allee, geliefd bij wandelaars als onderdeel van een ‘rondje Endegeest’.

Gevers is ambachtsheer van Oegstgeest, eigenaar van Kasteel Endegeest en een tijd minister. De bomen van deze weldoener zullen 75 jaar stand houden.

Tekening: Portret van Jonkheer Gevers (1793 –  1877) uit het album van koningin Sophie, 1843.

1867: Na eeuwen eind aan de Rijnsburgerpoort

Al vanaf het vroegste begin loopt de weg van de Rhynsburgerporte naar Oegstgeest. De poort staat aan het begin van de Haarlemmerstraat – tot 1734. Bij de stadsuitbreiding komt er in 1633 een nieuwe Rijnsburgerpoort bij aan het eind van de Steenstraat.  Reizigers moeten nu 100 jaar lang door twee Rijnsburgerpoorten. De jongste poort wordt in 1867 gesloopt in verband toenemend verkeer.
Bij de gereedkoming van het grote station in 1879 krijgt dit stuk van de Rijnsburgerweg de naam Stationsweg.

Foto: De Rijnsburgerpoort ter hoogte van de Rijnsburgerbrug, in die jaren het einde van de Rijnsburgerweg. Fotograaf: Jan Goedeljee.

1881: Per stroomtram naar de bollenvelden

De eerste stoomtram rijdt in 1881 over de Rijnsburgerweg. Deze Bollenlijn brengt reizigers over enkelspoor in 2,5 uur van Leiden naar de Haarlemmerhout. Op de Rijnsburgerweg passeert de tram elk uur en stopt bij de haltes Pomona, Tuinlust en Posthof.
In het bollenseizoen rijdt de tram elk uur. De stoomlocomotief, die een hels kabaal maakt, trekt dan soms wel 12 wagons.

Foto: De stoomtram tijdens zijn laatste rit in 1932 bij halte Tuinlust (nu nr 130). Fotograaf: W.J. Kret.

1886: De eerste villa aan de weg

In 1886 laat Cornelis Vink de eerste villa bouwen aan de Rijnsburgerweg: Villa Antoinette, genoemd naar zijn dochter. Uit die tijd dateert ook een tuinontwerp, dat in schril contrast staat met de huidige door prikkeldraad omheinde villa. Het pand is Rijksmonument en eigendom van het LUMC, dat het wil bestemmen tot een verblijf voor gasthoogleraren.
Kort na de bouw van Villa Antoinette komen in 1887 om de hoek (huidige Bargelaan) de 8 aaneengesloten villa’s van het Terweepark gereed, die in 1995 plaatsmaken voor het nieuwe Leiden Centraal. Alleen het park blijft bestaan.

Foto: Detail van het balkon aan de achterzijde van Villa Antoinette,  ontworpen door H.J. Jesse. Fotograaf: Lies Rookhuizen.

1893: Een architect met vooruitziende blik

De Leidsche Bouwmaatschappij, waarvan de architect H.J. Jesse secretaris is, verwerft in 1893 de gronden aan de Rijnsburgerweg. In 1894 verschijnen van de architect de eerste acht herenhuizen, het jaar daarop gevolgd door nog eens tien in dezelfde stijl. De huizen in het midden krijgen een grotere erker, zodat een symmetrisch geheel ontstaat. Het is de langste rij identieke herenhuizen aan de weg.  Jesse bepleit met succes bij de gemeente Leiden dat de huizen ver van de rooilijn mogen worden gebouwd, waardoor de weg zijn aantrekkelijk en weidse karakter krijgt.

Foto: De eerste 18 herenhuizen zijn gereed, thans Rijnsburgerweg 26 – 60. Kort na 1895. Foto Collectie Anneke Jesse.

1896: Een stuk Oegstgeest wordt Leiden

Steeds meer welgestelden ontvluchten al jaren de stank en drukte van het sterk industrialiserende Leiden en gaan buiten de singels wonen op het grondgebied van Oegstgeest. Dit is een doorn in het oog van de gemeente, omdat de bewoners wel gebruik blijven maken van de Leidse voorzieningen. Per 1 januari 1896 ‘annexeert’ Leiden het gebied tot aan de Poelwetering. Aan de overdracht gaan jaren van politiek debat vooraf over belastinginkomsten en het wegonderhoud.

Kaart: Grensverandering Leiden-Oegstgeest, 25 januari 1896.

1911: De tol wordt opgeheven

Na 100 jaar komt op 1 mei 1911 een einde aan de particuliere tolheffing op de Rijnsburgerweg. Op aandringen van de ANWB komt het onderhoud, decennialang in handen van de firma Beijer, in gemeentelijke handen. Ook de passanten zijn verheugd (fietsers betalen 2 cent), maar inwoners zien tot hun ongenoegen dat de ANWB in dit ‘toeristische drukste deel van de provincie’ ook pleit voor wegverbreding en een dubbel tramspoor. Ze vrezen dat alle bomen op Leiden’s ‘meestbezochte wandelweg’ moeten wijken.

Foto: Het voormalige tolhuis ter hoogte van huidig nr 86, rond 1900. Fotograaf onbekend.

1920: De Rijnsburgerweg wordt weer langer

Leiden breidt zijn gebied op 1 januari 1920 weer uit, nu tot aan de Warmonderweg. Zo komen diverse politici aan de Rijnsburgerweg terecht in de Leidse gemeenteraad, waaronder Dirk van Eck, eigenaar van Villa Pomona (nr 164).

De Leidsestraatweg tussen de Poelwetering en Warmonderweg heet vanaf nu Rijnsburgerweg. Alleen het korte Oegstgeester stuk van Warmonderweg tot Geversstraat is nog Leidsestraatweg. Maar in de volksmond wordt ook dat stuk vaak Rijnsburgerweg genoemd.

Foto: Detail van Villa Pomona, gebouwd in 1898 door architect Jesse.

1926: Einde van een wandelparadijs

Langs de hele Rijnsburgerweg zijn nu de sloten gedempt en alle bomen gekapt voor de verbreding van de weg van 6 naar 25 meter. Reden is het toenemend verkeer en de aanleg van een dubbelspoor voor de elektrische tram. Tegelijkertijd krijgen veel huizen nieuwe riolering. Ook fietsers krijgen meer ruimte, al is van een afgeschermd fietspad nog lang geen sprake.
Begin jaren ’30 is de Rijnsburgerweg van het spoor tot aan Oegstgeest aan beide zijden nagenoeg volledig bebouwd.

Ansichtkaart: Rijnsburgerweg tussen Warmonderweg en Wassenaarseweg, gezien richting Leiden, 1932.

1928: De Rijksbouwmeester is klaar

Naar het ontwerp van Rijksbouwmeester J.A. Vrijman komt in 1928 het grootste pand aan de weg gereed: het Poortgebouw van het Academisch Ziekenhuis op nr. 10. Het Rijksmonument is de toegang tot de Cité Médicale met 10 paviljoenen, gebouwd vanaf 1914. Een deel daarvan doet dienst tot op de dag van vandaag.
In 1933 is het plaatje compleet als ook het standbeeld van Boerhaave van zijn plek aan de Steenstraat voor het voormalige Academisch Ziekenhuis (nu: Museum voor Volkenkunde) verhuist naar de Rijnsburgerweg tussen nr 11 en 15 tegenover het Poortgebouw.

Foto: De portierswoningen, Rijnsburgerweg 8 en 12, bij de oude ingang van het Academisch Ziekenhuis dateren uit 1925.

1944:  Loopgraven in plaats van villa’s

Twaalf villa’s worden in 1944 op last van de Duitsers gesloopt voor de aanleg van verdedigingswerken  (mitrailleursnesten, tankgrachten, loopgraven), uit angst voor een invasie vanaf de Wassenaarseweg en Vliegveld Valkenburg.  Op de Poelbrug staat een dubbele wachtpost en onder de brug bevindt zich een dynamietlading. Aan de Rijnsburgerweg bevinden zich diverse onderduikadressen en verzetshaarden. Ook wonen er zowel de afgezette burgemeester Van de Sande Bakhuyzen (nr 90) als zijn Duitsegezinde vervanger De Ruyter van Steveninck (nr 161).

Op 8 mei 1945 houden de Canadezen hun intocht en rijden onder grote belangstelling over de Rijnsburgerweg richting hun tijdelijke verblijfplaats Kasteel Poelgeest.

Ansichtkaart: De verdwenen villa’s nr 78 en 80, waarvan alleen nr 80 is herbouwd door architect Van der Laan. Foto gemaakt in de oorlogsjaren. Fotograaf onbekend.

1953:  Nooit meer wachten voor de slagbomen

De steeds langere wachttijden op de Rijnsburgerweg zijn al jaren een bron van frustratie. In 1920 moet de voetgangersbrug verlichting brengen, maar die krijgt al snel de bijnaam Brug der Zuchten. Metingen uit 1939 wijzen uit dat tussen 8 uur ’s ochtends en 8 uur ’s avonds de bomen 88 keer dichtgaan (25,5 minuut per uur). Tot in het parlement klinken pleidooien voor een oplossing. Maar pas in 1953 gaan de slagbomen voor de laatste keer dicht en twee jaar later opent de minister van Verkeer & Waterstaat het huidige spoorviaduct. Daarmee komt een einde aan de eeuwenoude lijnrechte verbinding tussen Rijnsburgerweg en Stationsweg.

Cartoon: De hoogoplopende wachttijden bij de spoorwegovergang, Leidsch Dagblad, 11 juni 1927.

1961: De laatste tram

Vanaf 1915 rijdt de eerste stadstram tussen Leiden en Oegstgeest – minimaal om de 8 minuten –  over de Rijnsburgerweg. Vanaf 1919 komen daar de Blauwe Trams richting Katwijk/Noordwijk en Haarlem bij en de Gele Tram richting Den Haag. Maar op 9 november 1961 rijdt na 80 jaar de laatste tram over de Rijnsburgerweg, die daardoor een stuk veiliger wordt. In de volksmond heet de Boedapester, een robuust trammodel, ook wel de moordenaar. Talrijk zijn de krantenberichten over kleine en grote tramongelukken met auto’s, fietsers en voetgangers.

Foto: Botsing tussen de tram en de melkboer op de Rijnsburgerweg, 1958. Fotograaf onbekend.

1976: Bewoners voorkomen dubbele busbaan

In 1976 heeft de gemeente vergevorderde plannen voor de aanleg van een dubbele busbaan ‘de stad in, de stad uit’ in het midden van de Rijnsburgerweg. Taai en vindingrijk verzet van een groep bewoners tussen Wassenaarseweg en Warmonderweg, die bij alle wethouders op huisbezoek gaan, voorkomt dat de Rijnsburgerweg opnieuw wordt verbreed door het aantal parkeerplekken drastisch te reduceren.

Krantenbericht: Leidse Courant, 27 februari 1976

1993: Definitief einde villa’s aan het Terweepark

Vanaf 1993 worden ook de laatste huizen van het Terweepark gesloopt om plaats te maken voor het nieuwe Leiden Centraal.  Zo gaat een historisch rijtje huizen verloren met illustere bewoners als Nobelprijswinnaar Willem Einthoven (nr 2) en Leiden’s eerste cardioloog en tevens pleegvader van Ramses Shaffy Herman Snellen (nr 5). Wat heden ten dage rest is het kleine park.

Foto: Oudste afbeelding van het Terweepark, gebouwd in 1887. Foograaf onbekend.

1999:  Gevaarlijk kruispunt wordt gevaarlijke rotonde

De kruising met stoplichten Rijnsburgerweg-Wassenaarseweg staat in de top 10 van gevaarlijkste kruispunten (Leidsch Dagblad, 25 november 1998) in Leiden. Overtuigd van de voordelen voor doorstroming en verkeersveiligheid vervangt de gemeente in 1999 het kruispunt door een rotonde. Ondanks verschillende aanpassingen zorgt de rotonde in de spits voor lange files en schittert de rotonde in de top 5 van gevaarlijkste rotondes…

Foto: De rotonde in 2017. Fotograaf: Hielco Kuipers.

2017: Busstation komt niet in Terweepark

In 2016 vat de gemeente het plan op om het ruime bus-emplacement aan de voorzijde van Leiden Centraal te verhuizen naar het kleine Terweepark aan Zeezijde. Als blijkt dat de gemeente dit serieus van plan is, starten omwonenden een reeks (ludieke) acties en trekt de gemeente een jaar later het plan in. Daarmee is ook Villa Antoinette, oudste villa aan de Rijnsburgerweg, behoed voor sloop.

Cartoon: Paarse Krokodil Tours. Maarten Wolterink, januari 2017, Leidsch Dagblad.

2019: Monument voor Ramses Shaffy

Op 15 juni 2019 eindigt een succesvolle crowdfunding actie voor het monument Hoog Sammy ter heinnering aan de Leidse jaren van Ramses Shaffy. Rondom het kunstwerk van Janine Melai ligt in gebeitelde stenen zijn citaat: hier lag de schoonheid en de basis van mijn leven. Op die dag verschijnt ook het boekje Ramses Shaffy en zijn Leidse jaren met 25 verhalen, waaronder dat van Ramses’ jeugdliefde Wendela van Goudoever, die later op Rijnsburgerweg 29 woont.

Foto: Detail van het monument Hoog Sammy. Op het kunstwerk staan ook de namen van zijn Leidse pleegouders Herman en Roos Snellen vermeld.